Geplaatst op Geef een reactie

Nieuwtje!

Ja, ik heb een leuk nieuwtje! Een tijdje terug was ik bij boekhandel Broese in Utrecht en ik dacht: hier zou ik nou graag nog eens willen werken. Zo’n grote boekwinkel is toch wel het paradijs voor de boekenwurm. Ik besloot een open sollicitatie te sturen voor het geval ze in de toekomst iemand zouden zoeken. En om een lang verhaal kort te maken: 1 juli start ik er! Super veel zin in!

Bijna vijf jaar heb ik dan bij de Bruna in Maarssen gewerkt. Parttime in een boekhandel werken vormt voor mij een goede combinatie met Sanne Schildert. Fijn dat ik dan niet mijn hele inkomen uit mijn teken- en schrijfwerk hoef te halen en geweldig om veel tussen de boeken te kunnen zijn, waar mijn hart uiteraard ook nog steeds ligt na meer dan vijftien jaar redacteurschap.

De afgelopen weken hebben jullie weinig van mij gehoord en gezien. Maar achter de schermen heb ik best veel gedaan! Vandaag kwamen mijn nieuwe cadeaukaartjes bijvoorbeeld van de drukker. Eén ervan maakte ik in opdracht voor Tries Flower Artist, een bedrijf in prachtige zijden boeketten, ware kunstwerken. Heel leuk dat ik een kaartje voor aan hun bloemen mocht ontwerpen. Ik kan niet wachten om het pakketje straks langs te brengen, de kaartjes zijn zo mooi geworden! De andere kaartjes komen in mijn eigen webshop binnenkort, ze zijn super zomers!

En ondertussen liggen er nog allerlei prachtige opdrachten te wachten. Het voelt bijzonder dat steeds meer mensen me weten te vinden en dat ik opdrachten krijg die ook echt bij me passen. De komende weken ga ik aan de slag met nieuwe ansichtkaarten, misschien ook met condoléancekaarten, en er staat een groot schilderij op de planning dat in een zorgpraktijk komt te hangen. Dat laatste is natuurlijk wel echt helemaal te gek, daar droom ik af en toe al over, hoe ik dat ga aanpakken. En over dat ik misschien wel veel vaker grote doeken zou willen beschilderen.

Allemaal leuke dingen dus. En dan is het ook nog mooi weer! En 7 juni krijg ik mijn eerste prik! Het kan niet op.

(Oké, er is ook een minpuntje te noemen: dat op de valreep de middelbare scholen volgende week zonder afstand opengaan. En dat terwijl alleen de ouderen nog maar ingeënt zijn… Ik begrijp daar niks van en ben er niet blij mee. Hopelijk bedenken ze zich nog in Den Haag, of neemt onze school zelf het besluit om er niet aan mee te doen. Mijn steun hebben ze.)

Geplaatst op Geef een reactie

Schiermonnikoog 3

Omdat het oor van de jongste zoon al een paar dagen dichtzat, en hij daar uiteraard dol van werd, belde ik de huisarts op Schiermonnikoog. De assistente zei dat we – als hij goed zou druppelen – de volgende ochtend konden langskomen. In het huisje was olijfolie en bij de enige drogist op het eiland kocht ik watten en een pipetje. Geregeld. Voor de zoon de eerste keer, voor mij sinds ik zes ben elk jaar vaste prik, dus ik weet wel hoe dat werkt inmiddels.

Keurig op tijd zaten we in de wachtkamer. We werden opgehaald door een man. Hé, dacht ik, niet de assistente? Zou de dokter hier zelf uitspuiten? Hij stelde zich voor, hij had een leuke Friese naam.

‘Waarschijnlijk heb je het nog nooit gezien, maar ik ben een mannelijke doktersassistent,’ zei hij tegen de zoon.

Dat hadden we inderdaad nog nooit gezien. Ik voelde me een sukkel. Waarom dacht ik automatisch dat hij de dokter was omdat hij een man was? Wat erg! En dat in 2021! Ik herinnerde me onmiddellijk dat ik een keer door dezelfde bekrompen denkwijze in een raadsel getrapt ben.

Ik zou vast niet de enige zijn. Hij vertelde het niet voor niets meteen. Door ervaring wijs geworden kon hij op deze manier waarschijnlijk veel verwarring en gênante momenten voorkomen. Dat deed hij goed.

Hij legde de zoon geduldig uit wat hij ging doen, vertelde nog wat over de werking van het oor en waarom het zo’n bijzonder orgaan is. Vakkundig spoot hij het vervolgens uit, gewoon met een ouderwetse handspuit, zo gaat dat op een eiland.

Terug op de fiets kaartte ik mijn kortzichtige gedachte nog even aan bij de zoon. Ik was benieuwd of hij hetzelfde had gedacht. Die vond het allemaal niet zo interessant. Wel was hij blij dat hij eindelijk weer kon horen.

Geplaatst op Geef een reactie

Schiermonnikoog 2

Het was onze eerste keer Schiermonnikoog. De week ervoor was stressvol. Het was toetsweek voor de jongens, druk dus, en het ging niet allemaal zoals ze gehoopt en gepland hadden. Ik werd er zelf nerveus van. De dag voor vertrek was ik nog aan het werk terwijl ik ook het huis netjes wilde hebben en mijn spullen moest pakken.

In de auto naar Lauwersoog luisterde ik naar de Nederlandse Illustratie Podcast terwijl ik genoot van autodrop en de vele kleurige bollenvelden. Da vakantie was begonnen. Toen we op de boot het vasteland zagen verdwijnen voelde het alsof ik mijn zorgen daar letterlijk achterliet. Daarom houd ik zo van eilanden, je bent echt even los van het dagelijkse leven.

Schiermonnikoog was anders dan ik dacht. Ik had gedacht dat er veel mensen in afritsbroeken met verrekijkers rond zouden lopen. Natuurfotografen met enorme camera’s, biologen met notitieboekjes, kunstenaars die landschappen schilderden en stiltezoekers die vergeelde romans lazen op openbare bankjes. Dat was niet zo. Althans, niet in deze meivakantie. Ook verwachtte ik een frietkot en een viskraam aan het strand. Dat was ook niet zo.

Het voelde als een vakantie-eiland. Veel toeristen en de plaatselijke bevolking die alles met liefde faciliteert. Een zorgeloze plek waar je buiten kunt zijn, lekker kunt eten en leuke winkeltjes kunt bezoeken. Waar je als toerist ontzettend welkom bent, vriendelijk ontvangen wordt. De toeristen die er kwamen waren ook allemaal zo aardig. Misschien kwam het door het mooie weer, maar nergens hebben zoveel onbekende mensen me stralend gegroet op straat.

Een plek waar het leven alleen maar goed is. We vroegen ons af waarom er een politiebureau zou zijn en wat die ene agent die we weleens in zijn auto zagen langsrijden te doen zou hebben. Een plek waar je niet veel hoeft omdat er niet veel is. Het schelpenmuseum, rariteitenkabinet en het bunkermuseum waren helaas gesloten vanwege corona, maar dat was ook wel weer fijn. We wandelden, fietsten, aten ijsjes in het dorp, ik tekende, las boeken, we deden spelletjes en Thad en ik zaten eind van elke middag met een glas rosé in de zon bij ons huisje.

Er was nog iets anders dan ik dacht. Ik was van tevoren bezorgd hoe de kinderen (14 en 16) het zouden vinden. Of ze zich wel zouden vermaken. Die zorgen bleken volkomen onterecht. Het was de meest relaxte vakantie de ze ooit hadden. Heerlijk om even niets te hoeven.

De vrijdag erop stapten we allevier uitgerust en blij weer op de boot. Terug naar ons dagelijkse leven, wat na een week uitrusten en wat afstand nemen ook weer helemaal leuk is.

Geplaatst op 4 Reacties

Schiermonnikoog

We waren een week op Schiermonnikoog. En het was heerlijk! Het liefst had ik daarover veel uitgebreider verslag gedaan via instagram en facebook, maar ik vertel altijd pas achteraf dat ik weg ben geweest omdat ik anders bang ben dat er ingebroken wordt. Dat is ook echt een keer gebeurd tijdens onze vakantie, in 2003, maar toen zat ik nog niet eens op social media, dus daar had het niets mee te maken. Toch maakt die gebeurtenis dat ik nog steeds extra voorzichtig ben.

Het gebeurde op de laatste dag van onze wandelvakantie op La Gomera. We hoorden het vroeg in de ochtend van de buren toen we net aan de terugreis waren begonnen. Het was de langste terugreis ooit. Eerst met de boot, daarna met het vliegtuig en vervolgens met de trein, er kwam geen einde aan.

‘s Avonds heel laat kwamen we thuis. De buren hadden een nieuwe ruit in de voordeur geregeld en heel lief alle spullen in de kasten teruggestopt om de aanblik wat te verzachten, de inbreker had namelijk op zijn gemak alle kasten leeggehaald en doorzocht, frisdrank gepakt, koekjes gegeten uit onze koektrommel, een kaarsje gebrand. Hij had een relaxte avond/nacht gehad in ons huis, zo leek het.

Ik wilde maar één ding weten: of de sieraden die ik van mijn opa en oma kreeg er nog waren. verder hadden we weinig van waarde. Ze waren weg. Het was laat, we waren moe. We besloten de volgende dag de koffers uit te pakken en alle bende op te ruimen. In de slaapkamer stonden afdrukken van grote modderschoenen op het dekbed. Hij had erop gestaan om bovenop de kledingkasten te kunnen kijken, waar niks lag.

We sliepen die nacht onder die vieze modderafdrukken, te moe en verslagen om het bed nog te verschonen. Behalve de voetafdrukken vond ik de volgende dag nog een zonnebril en een stuk gereedschap. Bewijsmateriaal! Ik belde de politie. Die vertelde me dat zij daar niks mee gingen doen, ik mocht het weggooien. Dat vond ik maar raar.

Ondanks het feit dat we geen dure spullen hadden, was er veel weg. Winterjassen, sportkleding, weekendtassen (om de buit in mee te nemen), nog maandenlang misten we dingen. Je ziet het niet in één keer, je mist dingen pas als je ze nodig hebt. Twee weken lang sliep ik niet lekker en voelde ons huis anders, daarna was het over. Het viel me alles mee. Ik was niet boos, de inbreker was vast geen gelukkig mens, anders was hij geen inbreker geworden toch?

Groot was mijn vreugde toen ik op zolder mijn oude kindersieradendoosje met een sticker van de Snorkels erop vond. Hij had het laten liggen. Erin zaten onder andere een zilveren bedelarmbandje dat ik van mijn opa en oma kreeg en een lichtblauw armbandje van de andere opa en oma. Een zilveren eekhoornbroche die onze lieve oude buurvrouw in Oudorp me gaf, ze had hem zelf gedragen als kind. De hele simpele verlovingsringen van mijn ouders, uit hun Uilenstedetijd. Een ringetje met een lieveheersbeestje van mijzelf, de stipjes er afgesleten door het vele dragen.

Terwijl de inbreker mijn mooie gouden sieraden verpatste, gekregen voor eindexamen en afstuderen, was ik heel gelukkig met deze schat.

Dit stukje gaat natuurlijk helemaal niet over Schiermonnikoog, maar dat komt nog wel, ik heb nog meer huisjes getekend.

Geplaatst op Geef een reactie

Verwend

Wat duurt het ongelooflijk lang, deze coronatijd. Nu ik steeds meer mensen spreek die al zijn ingeënt word ik ook ongeduldiger merk ik. Vooral als ik lees dat je met een vaccinatiebewijs straks weer van alles kunt gaan doen. Naar musea bijvoorbeeld! Ik stel me voor hoe oudere mensen binnenkort gezellig dagjes uit gaan en onbezorgd op terrasjes zitten terwijl wij nog steeds bang zijn dat het virus via de middelbare school of via mijn werk in de winkel ons leven binnendringt. Zullen de ingeënte mensen de bloemetjes buiten zetten terwijl onze kinderen nog steeds de helft van de week online lessen volgen en Thad vijf dagen per week thuis op de overloop zit te werken? Een rare situatie zou dat zijn.

Meestal lukt het me juist om te zien wat er wél allemaal kan en hoe goed we het hebben, maar vrijdag zat ik hier een beetje over te somberen. Moet kunnen.

Op zulke momenten gebeurt er echter vaak iets wat alles weer in perspectief plaatst. Zo ook deze keer. Ik las op facebook het bericht van een lieve kennis die aankondigde dat ze dit weekend weer naar Duinkerken zou gaan om daar vluchtelingen te helpen. Al wekenlang had ze allerlei spullen ingezameld die de mensen daar hard nodig hebben: Tenten, slaapzakken, dekens, voedsel en shampoo. Ze gaat regelmatig, kent daar veel mensen inmiddels en helpt waar ze kan. Ze bekommert zich om anderen ondanks het feit dat ze ook eigen zorgen heeft.

De situatie in Duinkerken is verschrikkelijk. Er zijn geen sanitaire voorzieningen, amper tenten en er is tekort aan alles. Ik zag een foto van een jongen die in een kartonnen doos slaapt, iemands kind…

Ik voelde mezelf verwend. Waar maakte ik me druk om? En waarom maken we ons met z’n allen niet wat drukker om deze vluchtelingen? Hoe kunnen we dit laten gebeuren? Zo dichtbij.

En hoe kan het dat deze lieve kennis wél gaat helpen? Daar heb ik dit weekend veel over nagedacht. En eigenlijk kan ik maar tot één conclusie komen: zij is ongelooflijk wijs. Als iedereen was zoals zij, dan zou de wereld er heel anders uitzien. Dan zouden de vaccins keurig verdeeld zijn over alle landen, dan zouden we samen zorgen voor een beter klimaat, dan zouden de inkomensverschillen niet zo groot zijn en dan zouden er misschien niet eens vluchtelingen zijn.

Ik wens dat corona verdwijnt, maar nog meer wens ik dat we wijzer zullen worden, net zo wijs als deze vrouw.

Geplaatst op Geef een reactie

Een huis met een ziel

Afgelopen week mocht ik weer een huis van iemand tekenen. Ik vind dat heerlijk om te doen! Je kunt natuurlijk een foto van een huis maken, maar met een illustratie ben je vrijer en kun je ook laten zien hoe een huis voelt en wat het betekent voor de bewoners.

Meestal is dat heel veel. Natuurlijk kun je een huis zien als iets tijdelijks, iets materieels, mensen verhuizen gemiddeld eens in de zeven jaar geloof ik. Maar kijk eens hoe we onze huizen verzorgen! We schilderen ze, maken ze schoon, werken in de tuin, zetten er bloemen neer en richten ze leuk in. Er worden kinderen geboren, feesten gevierd, we zijn er ziek, er wordt gelachen en gehuild. Het is onze veilige plek.

Ook dit huis heeft een verhaal. Een verhaal dat ik hier uiteraard niet ga opschrijven, maar wat wel in mijn achterhoofd zat bij het tekenen. Er is in dit huis zo veel liefde, hoop en magie.

Ik schetste het eerst met potlood, trok het over met tekenpen en legde het op mijn lichtbak. Zo zette ik het met potlood over op mooi papier. Vervolgens schilderde ik de lucht met ecoline, want ik vind die kleuren zo helder. De lucht moest heel goed drogen zodat ik de lijnen van het huis met tekenpen kon zetten. Daarna tekende ik allerlei details in en bij het huis, dingen die speciaal zijn voor de bewoners of die het gewoon gezellig maken. Hun lieve hond kreeg ook een plekje. Uiteindelijk kleurde ik alles in met aquarelverf en potlood.

Gisteren bracht ik het bij de bewoners, toch altijd weer spannend. Gelukkig waren ze er heel blij mee. Zo blij dat ik meteen weer met een nieuwe opdracht naar huis ging. 🙂 En daar ga ik vandaag alvast eens rustig over nadenken terwijl ik mijn eigen huis schoonmaak, wasjes draai en wat opruim.

Geplaatst op Geef een reactie

Vroegbejaard?

Dit jaar heb ik het weer geprobeerd: The Passion kijken, maar ik vind het iets verschrikkelijks. Aan mij zijn die moderne tradities niet besteed. Zo tegen Pasen maak je me blij met de Matthäus Passion of liever nog: de Johannes. Als ik de eerste tonen hoor schiet ik altijd vol, ik vind het zó prachtig. Mijn eerste keer Matthäus was als puber met mijn moeder in de Grote Kerk in Alkmaar. Ik wilde wel mee, ik merkte aan mijn moeder dat het iets heel bijzonders moest zijn. Ze had me keurig gewaarschuwd dat het een lange zit zou zijn. Er werden dekens uitgedeeld, het was er steenkoud, maar dat droeg juist bij aan hoe speciaal het was.

Toen we in Amsterdam woonden gingen Thad en ik een keer naar de uitvoering in het concertgebouw. En na onze verhuizing naar Breukelen bezochten we jarenlang de Johannes in Loenen, die vond ik eigenlijk nóg mooier, en de locatie was prachtig. Jammer genoeg stopte dat en zo kwam het dat we een paar jaar geleden, op een snikhete dag naar de kerk in Breukelen togen voor de Matthäus. We stonden buiten te ploffen in een rij vol met oudere mensen. Thad constateerde tevreden: ik ben alwéér de jongste!

Het is zijn vaste grapje. Hij en ik doen graag oudemensendingen. We gingen eens naar een opera en daar lag de gemiddelde leeftijd toch zeker 40 jaar boven de onze. ‘Alwéér de jongste!’ fluisterde Thad bij binnenkomst. Het is fijn om je een avondje piepjong te voelen, maar we vroegen ons wel bezorgd af hoe dat nu moest als we zelf oude mensen zijn, bestaat er dan wel nog opera? Kun je dan nog naar de Matthäus? Als je van oudemensendingen houdt, kun je ze het beste doen als je jong bent, nu het er allemaal nog is.

Afijn, nu is het Pasen en we zullen dus straks, tot afgrijzen van de kinderen, naar onze Johannes Passion-cd luisteren. Dat is natuurlijk ook voor oude mensen, een cd. Gelukkig vinden de jongens het wel leuk dat ik net als mijn oma en mijn moeder elk jaar een paastulband bak. Sommige oude tradities blijven geliefd bij iedereen.

Vrolijk Pasen allemaal!

Geplaatst op Geef een reactie

Mijn hooggespannen verwachtingen

In het weekend besloot ik dat ik mezelf vandaag een vrije dag zou geven. Ik was eraan toe, ik wilde er even uit. Online reserveerde ik tijdsloten in vier leuke winkels in Utrecht. Kon ik daar mooi op mijn nieuwe fiets heen! En misschien nog een wandeling maken door de stad en ergens cappuccino to go drinken, ik zag het helemaal voor me.

Vanochtend was ik vroeg wakker en de zon piepte al tussen de kieren van het gordijn door. Het voelde alsof ik jarig was, wat een mooie, veelbelovende dag! Ik was goed voorbereid, had maandag al een lijstje gemaakt met wat ik waar wilde halen. In mijn tas ging ook een dagboek, kon ik in de stad lekker ergens schrijven met een kopje koffie in de zon. Ook wilde ik foto’s maken van mooie pandjes die ik dan later zou kunnen schilderen. Ik had al een hele voorstelling van hoe mijn dag eruit zou zien, net zoals ik dat bij vakanties ook altijd heb. (Thad waarschuwt me dan altijd, hij kent mijn hooggespannen verwachtingen inmiddels… Maar het voordeel is dat ik nooit gebrek aan voorpret heb.)

Bij de Lush was ik de enige klant in de winkel met drie medewerkers. Je begrijpt dat ik iets meer kocht dan ik van plan was, zo gaat dat als je door drie aardige mensen tegelijk geholpen wordt die allemaal goede tips hebben, maar leuk was het wel en ach, er zaten ook cadeautjes bij. Ik kreeg heel royaal nog wat monstertjes en een bodyspray cadeau en voelde me steeds jariger. Daarna cappuccino en door naar Broese, waar het zo rustig was dat ik zo lang mocht kijken als ik maar wilde, geweldig! Vervolgens Dille & Kamille en Swaak, waar het ook allemaal heel soepeltjes ging.

Toen was het tijd voor lunch en ik kocht ergens een broodje met gegrilde aubergine. Daarmee zou ik dan lekker in de zon gaan zitten, en meteen wat schrijven en door mijn nieuwe boeken bladeren. Vlak bij de Dom zag ik een goed plekje, vol in de zon. Ik ging zitten, haalde het broodje uit het zakje en meteen zat mijn hele hand onder de derrie. Gatver! Die nieuwe boeken zou ik maar veilig in mijn tas laten en mijn dagboek ook. Mijn stek bleek bovendien nogal winderig en koud, maar met die vieze handen kon ik mijn jas niet dichtritsen, dat moest maar even wachten. Het was wel een heel lekker broodje.

Ik wilde nog wat wandelen en foto’s maken, maar had er niet over nagedacht dat ik dan twee tassen met zeep, verf en boeken mee moest sjouwen. Bepakt en bezakt liep ik toch nog een rondje en keek in de etalages van kunsthandels en galerieën. Toen besloot ik dat ik maar beter naar mijn fiets kon gaan.

Onderweg concludeerde ik dat het een fijne dag was. Niet alles was volgens plan verlopen, maar ik voelde me licht en blij. Thuisgekomen bleek het monstertje van het masker dat ik gekregen had gelekt te hebben in mijn tas, het papier van de zorgvuldig ingepakte cadeautjes was helemaal plakkerig en nat. Gelukkig zaten mijn boeken in de andere tas. Ik spoelde de buitenkant van het potje af onder de kraan en zette het in de koelkast, zoals dat hoorde volgens de meisjes van de Lush. Nu maar hopen dat niemand het opeet. Je weet het maar nooit met twee pubers in de groei.

PS: voor nieuwsgierigen: als je wilt weten wat ik allemaal kocht (los van de cadeautjes) kun je dat zien in mijn verhaal op insta en fb 😉

Geplaatst op Geef een reactie

Stemmen

‘Mam, jij zou het partijprogramma van Volt eens moeten bekijken, dat past misschien wel heel goed bij jou.’ Onze oudste zoon (15) volgt de politiek nauwgezet, en niet alleen tijdens de verkiezingen. Hij weet er inmiddels veel meer van dan ik en kan niet wachten tot hij eindelijk zelf mag stemmen. (Liefst zou hij de stemgerechtigde leeftijd naar 16 zien veranderen, ook al zou hem dat vandaag niets geholpen hebben.)

‘Heb je nou gekeken?’ vroeg hij een paar dagen later. Dat had ik nog niet gedaan. Maar gisteravond wel, en ik zag dat hij gelijk had, het programma sprak me meteen aan. Klimaat-, migratie- en coronaproblemen aanpakken samen met de andere landen in Europa zou natuurlijk stukken beter werken dan ieder voor zich. En toch, het programma leek wel te vooruitstrevend voor mijn hersenen, alsof ik er nog niet klaar voor was. Werd ik oud? Was ik behoudend? Inflexibel? De stap van waar we nu zijn naar waar Volt voor staat leek me zo ongelooflijk groot en ik ga altijd graag in kleine stappen op mijn doel af: ik hoop eerst op een groenere, socialere mindset in Nederland, om daarna te gaan samenwerken met andere landen. Maar waarom eigenlijk? Qua klimaat is er immers helemaal geen tijd voor kleine stappen.

Van Groen Links-stemmer werd ik een zwevende kiezer. Ik keek naar het lijsttrekkersdebat en besloot dat Sigrid Kaag het erg goed deed en dat ik Lillianne Ploumen de aardigste van het stel vond. Ze heeft een mooie stem, was gewoon zichzelf en deed niet zo bijterig als de meeste anderen. Ik houd niet van debatten, het zijn vaak een soort verbale bokswedstrijden waarin steeds gescoord moet worden ten koste van de ander. Ik vind dat politici een voorbeeldfunctie hebben en dat elkaar eindeloze verwijten maken geen goed voorbeeld is van hoe je respectvol met elkaar omgaat. Het lijkt me bovendien veel nuttiger en interessanter als ze diepgaandere inhoudelijke gesprekken zouden voeren, maar wie ben ik?

Vanochtend zat ik met een kop koffie de kieslijst te bekijken. Ik moest de knoop doorhakken maar ik was er niet uit. Zelden zo getwijfeld. Een kwartier later toog ik desondanks naar de stembus in de sporthal in onze wijk.

Nu zijn jullie misschien benieuwd wat het werd.

Het werd Partij voor de Dieren.

Die won het qua programma van Groen Links voor mij deze keer. Volt ga ik de komende jaren goed in de gaten houden. Groen Links natuurlijk ook. Ondanks alle twijfel ben ik tevreden over mijn keuze. Ik heb groen gestemd, dat was voor mij het belangrijkste. Benieuwd wat mijn zoon van mijn keuze vindt.

Geplaatst op Geef een reactie

Coronatest

Twee weken terug werd ik op een ochtend wat snotterig wakker. Tot een jaar geleden was dat niet iets om bij stil te staan, afgelopen jaar zorgt dat echter steeds voor stress. Ik werk buiten de deur en wil geen gevaar zijn voor andere mensen, maar ook stel ik mijn baas niet graag teleur. Snotterigheid levert tegenwoordig dus altijd een lastige situatie op. Die woensdag hoefde ik weliswaar gelukkig niet te werken, maar wel hadden we om 9.00 uur met ons hele gezin een controle bij de tandarts. Ik ging niet mee en besloot een afspraak te maken voor een test. (Rutte zou trots op me zijn.)

Alles ging heel voorspoedig. Ik beantwoordde alle vragen online en voerde in dat ik op de fiets wilde komen. Uiteindelijk moest ik mijn postcode invoeren en daar ging het mis. Het was volgens het systeem voor mij onmogelijk een testlocatie te bereiken op de fiets. Nu woon ik niet in een gehucht op het platteland van Groningen, maar juist in een redelijke drukke, dichtbevolkte omgeving, dus ik vond dat opmerkelijk en vooral heel onhandig.

Ook gaf het systeem aan dat ik niet met het openbaar vervoer mocht komen. Wel mocht ik met iemand meerijden. Ik vroeg me af wie van mijn familie of vrienden er zou staan te springen om mij verkouden en al naar een coronatest te rijden. Dat ging ik dus niet vragen.

Hoezo kon ik eigenlijk niet op de fiets komen? Dat zouden we nog wel eens zien. Ik wist dat er aan onze kant van Utrecht een teststraat is, en voerde die postcode in. Helaas kreeg ik alleen mogelijkheden te zien bij teststraten op fietsafstand van die postcode, weer een stuk verder dus. Het moest maar.

Na ruim een uur fietsen kwam ik zwetend als een otter – want even verdwaald – nét op tijd aan bij de XL-teststraat. Ik had duidelijk niet zo hoeven haasten, want er stond een enorme rij buiten waarin ik kon aansluiten. Een enorme rij vol mensen met coronaklachten. Voor de zekerheid hield ik wat extra afstand. Ik sprak tegen niemand. Toen ik het gebouw binnen mocht gaan, bleek daar weer een rij te zijn, een beetje zoals bij de Carnaval in de Efteling, met van die lijntjes ertussen. Op zich allemaal keurig op afstand, maar ik voelde me toch lichtelijk paniekerig worden. Hoeveel procent van de mensen die hier stonden zou daadwerkelijk corona hebben? En wie zouden het zijn?

Gelukkig ging het allemaal redelijk snel en fietste ik na afloop in een veel rustiger tempo naar huis. De zon scheen, het was een mooie dag. Thuis maakte ik een cappuccino die ik op het tuinbankje opdronk. En net toen ik eens aan de slag wilde gaan kwam er een e-mail binnen. De uitslag was er. Negatief. Grote opluchting, en wat een zegen ook dat het bericht zo snel kwam, dan zou ik de volgende dag tenminste gewoon naar mijn werk kunnen.

Ik hoop maar dat ik weinig verkoudheidsklachten zal hebben de komende tijd, of dat er een testlocatie op fietsafstand van ons huis komt. Dat zou alles een stuk relaxter maken. Maar mocht dat niet zo zijn: inmiddels heb ik een nieuwe fiets, die veel gemakkelijker trapt dan mijn oude roestbak! Appeltje eitje dus volgende keer.