Geplaatst op Geef een reactie

Vrijheid

Deze maand doe ik af en toe mee aan een tekenchallenge op instagram. Elke dag krijg je een woord waarbij je een tekening kunt maken. Dat lukt me niet elke dag, ik teken gewoon als ik tijd heb en sla dus hier en daar wat over.

Vandaag was het woord seedpacks en ging ik mijn eigen bloemenzaadzakje tekenen. Dat zou ik nooit bedacht hebben zonder deze opdracht. Is het wel zinvol om te maken? dacht ik in eerste instantie. En: Vind ik dat wel leuk?

Gewoon beginnen leek me het beste. Ik tekende een zakje met bloemen erop die ik zelf in mijn tuin heb en die ik mooi vind: Goudsbloem, Cosmea en Oostindische Kers. Ze bloeien nog steeds allemaal trouwens. Dat ik alles zelf mocht bedenken, precies zoals ik het wilde, mijn eigen mix verzinnen, met een eigen naam, wat een gevoel van vrijheid geeft dat! Ik vond het super.

Het deed me denken aan mijn kindertijd. Mijn vader is chemicus en op een van mijn kinderfeestjes gingen we zelf shampoo, tandpasta en badzout maken. Dat ging dan in kleine flesjes en tubetjes waarvoor je zelf de etiketten mocht ontwerpen. Mijn vader zag de lol daar goed van in en riep: ‘Je kunt ook zelf een merknaam voor je shampoo verzinnen!’ Na afloop had je dus echt helemaal je eigen productlijn.

Als kind was ik dol op tekenen en knutselen. Ik verzon van alles en stond er nooit bij stil of het wel mooi of goed of nuttig was. Ik maakte en ik maakte, betekende vel na vel. Mijn ouders vonden alles mooi natuurlijk en ik was zelf ook trots op mijn productie. Dat veranderde op de middelbare school. We tekenden voor cijfers en ik werd kritisch op mezelf. In mijn herinnering kwam ik er daar, na wat middelmatige cijfers, achter dat ik eigenlijk helemaal geen talent had, en stopte ik ermee. Zo jammer!

Vandaag herkende ik het oude plezier weer. Het hoefde niks te worden, het was nergens voor en ik mocht alles zelf verzinnen! Met dat gevoel wil ik voortaan altijd wel tekenen, dacht ik. En waarom niet? Ik hoop dat ik het kan vasthouden. Toch wel bijzonder, dat ik als volwassene opnieuw moet leren wat ik als kind vanzelf al kon.

Geplaatst op 1 Reactie

Karma?

Vanmiddag had ik mezelf een wandeling beloofd. De zon scheen en ik was al veel te lang niet buiten geweest. Ik parkeerde mijn fiets tegen een hek en wandelde de polder in. Het was heerlijk. Er bloeide nog van alles en ik zat even op mijn hurken bij een prachtige rups. Na een minuut of twintig – ik wilde net over een hekje klauteren om het mooiste wandelpad op te gaan – zag ik een bankpas liggen. Ik riep naar de mevrouw die voor mij over het hek was geklommen en zwaaide met het pasje. De vrouw reageerde een beetje vreemd en geschrokken. Ze bleek een Duitse toeriste en het pasje was niet van haar. Daar stond ik dan. Wat moest ik doen? Ik keek of er verder nog iets lag en vond in het gras ook nog een autosleutel en een lippenstift. Nee toch!

Een stukje terug zaten een paar mensen aan een picknicktafel. Ik informeerde of ze op het pad hadden gelopen en misschien iets verloren waren. Het bleken de reisgenoten van de Duitse mevrouw. De andere dame in het gezelschap vertelde een beetje beschaamd dat ze alleen even over het hekje was geklommen om te gaan wildplassen, maar dat ze niks miste. De eerste Duitse dame kwam inmiddels ook aangelopen, ik begreep opeens waarom ze zo geschrokken had gereageerd toen ik haar had geroepen.

De Duitse toeristen hadden wel twee mannen en een vrouw over het hekje zien klimmen, misschien waren zij iets verloren? Ik gaf mijn telefoonnummer aan de Duitsers voor het geval zij ze weer tegen zouden komen en liep verder, maar het zat me niet lekker. Ik kon toch niet gaan wandelen met iemands autosleutel op zak en uren later pas melding maken? De eigenaar was vast in paniek nu. Ik belde de politie, maar die bleken niet meer over verloren voorwerpen te gaan: ik kon de spullen inleveren bij het gemeentehuis. Daar ging mijn wandelmiddag…

Gehaast liep ik terug naar mijn fiets in Breukelen. Ik belde het gemeentehuis om alvast te vertellen wat ik had gevonden, voor als de eigenaar zou bellen, maar kwam er niet doorheen, de wachtrij was te lang.

Van Breukelen fietste ik naar het gemeentehuis in Maarssen. Daar leverde ik de spullen in. Een beetje teleurgesteld kwam ik weer buiten. De medewerker had niet eens naar mijn naam gevraagd. Ik had het wel leuk gevonden om even te horen of het goed zou aflopen. Of de eigenaar zich zou komen melden en of diegene blij en opgelucht was. En eigenlijk had ik best ook wel even bedankt willen worden voor alle moeite.

Maar: wie goed doet, goed ontmoet en karma bestaat, zo is het toch? Het universum pikt zulke dingen vast wel op. Op mijn volgende wandeling kom ik vast een zeldzame vlinder tegen, of een hele mooie paddenstoel.

Geplaatst op 1 Reactie

Droomland

Als ik ergens naartoe ga heb ik me vaak al een hele voorstelling gemaakt van hoe het zal zijn. Dat zorgt voor veel voorpret. Vóór corona boekte ik mijn vakantie dan ook liefst zo vroeg mogelijk, dan zat ik me gewoon een halfjaar te verheugen. Wel is het bij aankomst altijd even wennen. Niet dat het dan minder leuk is dan ik me voorgesteld had, wel is het altijd heel anders, waardoor ik even van slag ben.

Dit weekend was er de Vechtse Vaarparade. In de 18 jaar dat ik in Breukelen woon, was ik er nog nooit geweest. Maar natuurlijk had ik er al jaren een beeld van in mijn hoofd: prachtig versierde boten met allerlei lantaarntjes die in het donker over de Vecht gleden. En dat je er dan samen in het maanlicht naar stond te kijken. Hoe romantisch! Het thema dit jaar was Droomland, mooier kon het niet. Zaterdagavond, we zaten beiden met een boek op de bank, bedachten we dat we deze keer gewoon konden gaan! We hadden niks.

Natuurlijk liep het anders dan ik dacht. Aangekomen bij de Vecht ging juist de brug open. De parade kwam eraan en we gokten dat-ie dus voorlopig wel open zou blijven. Daar stonden we dan, met het wegdek van de brug voor onze neus, zonder zicht op de Vecht. Als we vijf minuten eerder gekomen waren…

We renden naar de tuin van het gemeentehuis. Langs het water stond het al helemaal vol, maar als we op een bankje gingen staan zouden we het wel kunnen zien. De muziek op het feestje bij de naastgelegen woning stond hard, de muziek op de boten ook, alles loeide door elkaar heen, het voelde een beetje alsof ik op de kermis was. Maar: er kwam een prachtige boot met gekleurde fonteinen langs, dat beloofde wat!

Er kwam een inderdaad hele optocht langs. Met gekleurde lampjes en ballonnen en veel felle zwaailichten. Op de boten stonden dansende mensen die schreeuwden naar de mensen aan de kant, die op hun beurt terug schreeuwden. Er klommen toeschouwers op de grote, oude beelden in de gemeentehuistuin. Ze stonden er bovenop zonder zich vast te houden, schreeuwden, en zwaaiden met twee armen naar de boten. Ik was bang dat ze zouden vallen, of dat de beelden zouden afbreken, dat er stukken steen en mensen naar beneden zouden kieperen op het publiek.

‘Wat is eigenlijk precies de bedoeling hiervan?’ vroeg Thad. Ik wist het ook niet. We besloten dat dit voor veel mensen waarschijnlijk Droomland was. Dat ze ervan genoten, en dat dat mooi was. Ons Droomland was het bepaald niet, maar ja, wij zijn wel vaker een tikje afwijkend. Doe ons maar een goed boek.

Geplaatst op 3 Reacties

De vooruitgang

De dagen van de kapotte dingen zijn weer aangebroken. Vorige week stopte de wasmachine ermee. Hij was 14 en heeft altijd hard gewerkt, dus dat was niet zo gek op zich. En vandaag zakte manlief door het tuinbankje dat hij al tig keer verstevigd had. Misschien moeten we eens iets nieuws…

Vaak gaan dingen hier tegelijk kapot, dus ik ben benieuwd wat er deze week nog volgt. De kinderen hopen op de tv, die ze belachelijk ouderwets vinden. Ik vind het juist een hele goede, hij doet het al zo ongelooflijk lang!

Nieuwe apparaten in huis betekent niet altijd vooruitgang. Als ik de nieuwe wasmachine aanzet, zegt hij HALLO in het schermpje en als hij klaar is speelt hij een muziekje. De bezorger liet het vol trots horen. Ik vroeg hem of het ook uit kon, wat hij duidelijk jammer vond. De koffie en de M&M’s maakten het een beetje goed. Gelukkig kan het muziekje inderdaad uit, je moet alleen wel zelf even uitzoeken hoe.

De nieuwe wasmachine kun je zelfs verbinden met je telefoon. Zo is het mogelijk om in de pauze op je werk je was te laten starten en je kunt ook een seintje krijgen wanneer hij klaar is. (Dan kun je de kinderen bellen of ze hem even ophangen) Mijn man heeft het meteen gekoppeld, en nu zie je de was zelfs rondjes draaien op zijn scherm. Hij vindt dat mooi, maar voor mij hoeft het niet.

Misschien ben ik hopeloos ouderwets. Ik houd van een wasmachine die gewoon alleen wast, er zit een draadje aan mijn muis en ik heb een stokoude refurbished iPone. Ik houd van brieven schrijven, van musea, van boeken lezen en van wandelen.

Maar laten boeken lezen en wandelen nu juist weer helemaal hip zijn! Dat vind ik wel geruststellend. Het komt allemaal terug, het is dus alleen maar een kwestie van wachten voordat er weer normale wasmachines zijn. Tot die tijd zal ik de onze braaf teruggroeten.

Geplaatst op Geef een reactie

Kreeft

vakantietekening van een huisje in Houlgate, Normandië

Vanochtend – ik was net wakker – hoorde ik op onze wekkerradio het bericht dat er in de Molenpolder een rivierkreeftenplaag gaande is. Nu lopen ze hier in Breukelen ook regelmatig over de Scheendijk, dus ik vroeg me af hoe het er daar in de polder uit zou zien. Zouden de tuinen van de bewoners er vol mee zitten? Zouden ze over de stoepen en straten krioelen? Ik las op vakantie het boek Daar waar de rivierkreeften zingen en mijn sterrenbeeld is ook kreeft, dus waarom zou ik niet eens een kijkje gaan nemen? Ik vind het mooie beesten. Klein beetje eng ook wel, ze zijn soms behoorlijk groot en dan met die scharen…

Omdat er vanaf 12 uur weer de hele dag regen voorspeld was besloot ik meteen op mijn fiets te stappen. Het was een heerlijke tocht. Meestal wandel en fiets ik ‘s middags, maar het grote voordeel van de vroege ochtend bleek dat de elektrische fietsers nog sliepen. Er fietsen hier hele kuddes van en ze halen je voortdurend in, ze lijken altijd haast te hebben. Ik vraag me wel eens af of ze de jonge eendjes zien, de prachtige veldbloemen en de roofvogels en of ze weten wanneer de bramen rijp zijn. Of ze genieten van de stilte.

In de Molenpolder was haast niemand. Een enkeling die de hond uitliet en een verdwaalde wielrenner. De tuinen van de huizen lagen er prachtig bij en ik kwam langs een keramiekatelier en een hele grote moestuin. Het moet geweldig zijn om er te wonen, wat een rust en ruimte! Ondertussen zocht ik naar de rivierkreeften. Ik zag er niet één. Ik vervolgde mijn route door het stiltegebied en speurde in en langs de sloot. Zonder ook maar één kreeft gezien te hebben fietste ik uiteindelijk het gebied weer uit. Misschien had ik moeten gaan wandelen, zou ik ze dan wel hebben gezien?

Op de terugweg kwam ik drie puttertjes tegen en daarna zag ik nog een buizerd. De zon scheen af en toe en ik genoot van de eindeloze weilanden. Tegen tien uur was ik weer in de buurt van Breukelen. Op het smalle paadje kwam een elektrische fietser me met een noodvaart tegemoet rijden. Hij scheerde langs me heen, raakte uit balans, slingerde, maar kon een eind verder gelukkig tot stilstand komen en zijn beide benen op de grond zetten.

Daarna waren ze er weer, de haastfietsers. Ze gaan blijkbaar rond 10.00 uur op pad. Ik was inmiddels bijna thuis, stopte nog even bij bakker Remko’s voor brood, en aangekomen op de Daslook zette ik een kop koffie. De dag was mooi gestart, ook zonder de kreeften.

Geplaatst op 2 Reacties

Frida en mijn oma

Gisteren ging ik naar de tentoonstelling van Frida Kahlo in het Cobramuseum. Eigenlijk zou ik afgelopen oktober al in Assen zijn geweest, maar dat ging natuurlijk niet door, dat verschuift naar komende oktober. En ondertussen kwam ze zomaar veel dichter in de buurt: Amstelveen! Ik had nog nooit een origineel werk van Frida gezien. En dat was al jaren een grote wens.

Het was een mooie expositie. In het begin was ik een beetje overweldigd. Er was een audiotour, een boekje én allerlei informatie op de muren. Ik wist niet hoe ik dat allemaal moest combineren en besloot na de eerste zaal de audiotour te laten zitten, ik wilde het liefst schilderijen kijken.

Acht jaar geleden zag ik in dit museum mijn eerste echte Hundertwasser. De tranen schoten in mijn ogen, wat ik nog nooit had gehad bij het kijken naar een schilderij. Bij de schilderijen van Frida gebeurde dat gisteren niet, maar het was wel erg bijzonder om even zo dicht bij haar te zijn, om haar potlood- en penseelstreken in het echt te kunnen zien.

Na afloop dronk ik koffie op het terras van het museumcafé en fietste ik op mijn ov-fiets naar het huis waar mijn opa en oma woonden. Alles was nog hetzelfde. De grote ronde betonnen plantenbak in het midden van de tuin, het lelijke oranje huisnummer en zelfs oma’s cameliastruiken staan nog voor het raam. Daar schoot ik dan wel weer van vol. Negen jaar na haar overlijden, en nog langer sinds ze uit het huis vertrok, is haar tuin er nog steeds en bloeien haar camelia’s gewoon door.

Ik zag de voordeur en dacht: ik weet nog hoe die klinkt als je hem opent en ik weet ook nog hoe de gang rook – die mijn oma vestibule noemde – waar je je jas aan een klingelend haakje kon ophangen en waar bruin met donkerbruine vloerbedekking lag. En ik weet nog hoe de lusjes van de beige vloerbedekking in de huiskamer voelden als ik op de grond met de barbies van mijn tante speelde en hoe de lucht uit de leren banken geperst werd als je erop ging zitten. Pfffffft.

Ik herinner me de houten eettafel met de grote poot in het midden, waaraan we visrolletjes, afhaalchinees, stoofpeertjes en sinaasappelpudding aten van grijs servies met een knalblauwe rand. En de stoel van mijn opa voor de televisie, waarop hij na zijn werk steevast in slaap viel, met zijn borreltje en schoteltje met toastjes naast zich. Mijn oma, die altijd om hem heen redderde. Het is alsof het gisteren was.

Daarna bezocht ik hun graf op begraafplaats Buitenveldert. Terwijl ik het onkruid weghaalde – oma hield van netjes – en in gedachten tegen ze sprak, kwam er een groepje halsbandparkieten in de bomen om me heen lawaai zitten maken. Net zoals er plotseling één in onze tuin kwam op de dag dat lieve vriend George overleed afgelopen december. Sindsdien komen ze regelmatig langs. Ik geloof niet dat dat toeval is. Er is meer tussen hemel en aarde, daar twijfel ik niet aan. En ik vind dat mooi en troostend.

Geplaatst op 2 Reacties

Nieuwtje!

Ja, ik heb een leuk nieuwtje! Een tijdje terug was ik bij boekhandel Broese in Utrecht en ik dacht: hier zou ik nou graag nog eens willen werken. Zo’n grote boekwinkel is toch wel het paradijs voor de boekenwurm. Ik besloot een open sollicitatie te sturen voor het geval ze in de toekomst iemand zouden zoeken. En om een lang verhaal kort te maken: 1 juli start ik er! Super veel zin in!

Bijna vijf jaar heb ik dan bij de Bruna in Maarssen gewerkt. Parttime in een boekhandel werken vormt voor mij een goede combinatie met Sanne Schildert. Fijn dat ik dan niet mijn hele inkomen uit mijn teken- en schrijfwerk hoef te halen en geweldig om veel tussen de boeken te kunnen zijn, waar mijn hart uiteraard ook nog steeds ligt na meer dan vijftien jaar redacteurschap.

De afgelopen weken hebben jullie weinig van mij gehoord en gezien. Maar achter de schermen heb ik best veel gedaan! Vandaag kwamen mijn nieuwe cadeaukaartjes bijvoorbeeld van de drukker. Eén ervan maakte ik in opdracht voor Tries Flower Artist, een bedrijf in prachtige zijden boeketten, ware kunstwerken. Heel leuk dat ik een kaartje voor aan hun bloemen mocht ontwerpen. Ik kan niet wachten om het pakketje straks langs te brengen, de kaartjes zijn zo mooi geworden! De andere kaartjes komen in mijn eigen webshop binnenkort, ze zijn super zomers!

En ondertussen liggen er nog allerlei prachtige opdrachten te wachten. Het voelt bijzonder dat steeds meer mensen me weten te vinden en dat ik opdrachten krijg die ook echt bij me passen. De komende weken ga ik aan de slag met nieuwe ansichtkaarten, misschien ook met condoléancekaarten, en er staat een groot schilderij op de planning dat in een zorgpraktijk komt te hangen. Dat laatste is natuurlijk wel echt helemaal te gek, daar droom ik af en toe al over, hoe ik dat ga aanpakken. En over dat ik misschien wel veel vaker grote doeken zou willen beschilderen.

Allemaal leuke dingen dus. En dan is het ook nog mooi weer! En 7 juni krijg ik mijn eerste prik! Het kan niet op.

(Oké, er is ook een minpuntje te noemen: dat op de valreep de middelbare scholen volgende week zonder afstand opengaan. En dat terwijl alleen de ouderen nog maar ingeënt zijn… Ik begrijp daar niks van en ben er niet blij mee. Hopelijk bedenken ze zich nog in Den Haag, of neemt onze school zelf het besluit om er niet aan mee te doen. Mijn steun hebben ze.)

Geplaatst op Geef een reactie

Schiermonnikoog 3

Omdat het oor van de jongste zoon al een paar dagen dichtzat, en hij daar uiteraard dol van werd, belde ik de huisarts op Schiermonnikoog. De assistente zei dat we – als hij goed zou druppelen – de volgende ochtend konden langskomen. In het huisje was olijfolie en bij de enige drogist op het eiland kocht ik watten en een pipetje. Geregeld. Voor de zoon de eerste keer, voor mij sinds ik zes ben elk jaar vaste prik, dus ik weet wel hoe dat werkt inmiddels.

Keurig op tijd zaten we in de wachtkamer. We werden opgehaald door een man. Hé, dacht ik, niet de assistente? Zou de dokter hier zelf uitspuiten? Hij stelde zich voor, hij had een leuke Friese naam.

‘Waarschijnlijk heb je het nog nooit gezien, maar ik ben een mannelijke doktersassistent,’ zei hij tegen de zoon.

Dat hadden we inderdaad nog nooit gezien. Ik voelde me een sukkel. Waarom dacht ik automatisch dat hij de dokter was omdat hij een man was? Wat erg! En dat in 2021! Ik herinnerde me onmiddellijk dat ik een keer door dezelfde bekrompen denkwijze in een raadsel getrapt ben.

Ik zou vast niet de enige zijn. Hij vertelde het niet voor niets meteen. Door ervaring wijs geworden kon hij op deze manier waarschijnlijk veel verwarring en gênante momenten voorkomen. Dat deed hij goed.

Hij legde de zoon geduldig uit wat hij ging doen, vertelde nog wat over de werking van het oor en waarom het zo’n bijzonder orgaan is. Vakkundig spoot hij het vervolgens uit, gewoon met een ouderwetse handspuit, zo gaat dat op een eiland.

Terug op de fiets kaartte ik mijn kortzichtige gedachte nog even aan bij de zoon. Ik was benieuwd of hij hetzelfde had gedacht. Die vond het allemaal niet zo interessant. Wel was hij blij dat hij eindelijk weer kon horen.

Geplaatst op Geef een reactie

Schiermonnikoog 2

Het was onze eerste keer Schiermonnikoog. De week ervoor was stressvol. Het was toetsweek voor de jongens, druk dus, en het ging niet allemaal zoals ze gehoopt en gepland hadden. Ik werd er zelf nerveus van. De dag voor vertrek was ik nog aan het werk terwijl ik ook het huis netjes wilde hebben en mijn spullen moest pakken.

In de auto naar Lauwersoog luisterde ik naar de Nederlandse Illustratie Podcast terwijl ik genoot van autodrop en de vele kleurige bollenvelden. Da vakantie was begonnen. Toen we op de boot het vasteland zagen verdwijnen voelde het alsof ik mijn zorgen daar letterlijk achterliet. Daarom houd ik zo van eilanden, je bent echt even los van het dagelijkse leven.

Schiermonnikoog was anders dan ik dacht. Ik had gedacht dat er veel mensen in afritsbroeken met verrekijkers rond zouden lopen. Natuurfotografen met enorme camera’s, biologen met notitieboekjes, kunstenaars die landschappen schilderden en stiltezoekers die vergeelde romans lazen op openbare bankjes. Dat was niet zo. Althans, niet in deze meivakantie. Ook verwachtte ik een frietkot en een viskraam aan het strand. Dat was ook niet zo.

Het voelde als een vakantie-eiland. Veel toeristen en de plaatselijke bevolking die alles met liefde faciliteert. Een zorgeloze plek waar je buiten kunt zijn, lekker kunt eten en leuke winkeltjes kunt bezoeken. Waar je als toerist ontzettend welkom bent, vriendelijk ontvangen wordt. De toeristen die er kwamen waren ook allemaal zo aardig. Misschien kwam het door het mooie weer, maar nergens hebben zoveel onbekende mensen me stralend gegroet op straat.

Een plek waar het leven alleen maar goed is. We vroegen ons af waarom er een politiebureau zou zijn en wat die ene agent die we weleens in zijn auto zagen langsrijden te doen zou hebben. Een plek waar je niet veel hoeft omdat er niet veel is. Het schelpenmuseum, rariteitenkabinet en het bunkermuseum waren helaas gesloten vanwege corona, maar dat was ook wel weer fijn. We wandelden, fietsten, aten ijsjes in het dorp, ik tekende, las boeken, we deden spelletjes en Thad en ik zaten eind van elke middag met een glas rosé in de zon bij ons huisje.

Er was nog iets anders dan ik dacht. Ik was van tevoren bezorgd hoe de kinderen (14 en 16) het zouden vinden. Of ze zich wel zouden vermaken. Die zorgen bleken volkomen onterecht. Het was de meest relaxte vakantie de ze ooit hadden. Heerlijk om even niets te hoeven.

De vrijdag erop stapten we allevier uitgerust en blij weer op de boot. Terug naar ons dagelijkse leven, wat na een week uitrusten en wat afstand nemen ook weer helemaal leuk is.

Geplaatst op 4 Reacties

Schiermonnikoog

We waren een week op Schiermonnikoog. En het was heerlijk! Het liefst had ik daarover veel uitgebreider verslag gedaan via instagram en facebook, maar ik vertel altijd pas achteraf dat ik weg ben geweest omdat ik anders bang ben dat er ingebroken wordt. Dat is ook echt een keer gebeurd tijdens onze vakantie, in 2003, maar toen zat ik nog niet eens op social media, dus daar had het niets mee te maken. Toch maakt die gebeurtenis dat ik nog steeds extra voorzichtig ben.

Het gebeurde op de laatste dag van onze wandelvakantie op La Gomera. We hoorden het vroeg in de ochtend van de buren toen we net aan de terugreis waren begonnen. Het was de langste terugreis ooit. Eerst met de boot, daarna met het vliegtuig en vervolgens met de trein, er kwam geen einde aan.

‘s Avonds heel laat kwamen we thuis. De buren hadden een nieuwe ruit in de voordeur geregeld en heel lief alle spullen in de kasten teruggestopt om de aanblik wat te verzachten, de inbreker had namelijk op zijn gemak alle kasten leeggehaald en doorzocht, frisdrank gepakt, koekjes gegeten uit onze koektrommel, een kaarsje gebrand. Hij had een relaxte avond/nacht gehad in ons huis, zo leek het.

Ik wilde maar één ding weten: of de sieraden die ik van mijn opa en oma kreeg er nog waren. verder hadden we weinig van waarde. Ze waren weg. Het was laat, we waren moe. We besloten de volgende dag de koffers uit te pakken en alle bende op te ruimen. In de slaapkamer stonden afdrukken van grote modderschoenen op het dekbed. Hij had erop gestaan om bovenop de kledingkasten te kunnen kijken, waar niks lag.

We sliepen die nacht onder die vieze modderafdrukken, te moe en verslagen om het bed nog te verschonen. Behalve de voetafdrukken vond ik de volgende dag nog een zonnebril en een stuk gereedschap. Bewijsmateriaal! Ik belde de politie. Die vertelde me dat zij daar niks mee gingen doen, ik mocht het weggooien. Dat vond ik maar raar.

Ondanks het feit dat we geen dure spullen hadden, was er veel weg. Winterjassen, sportkleding, weekendtassen (om de buit in mee te nemen), nog maandenlang misten we dingen. Je ziet het niet in één keer, je mist dingen pas als je ze nodig hebt. Twee weken lang sliep ik niet lekker en voelde ons huis anders, daarna was het over. Het viel me alles mee. Ik was niet boos, de inbreker was vast geen gelukkig mens, anders was hij geen inbreker geworden toch?

Groot was mijn vreugde toen ik op zolder mijn oude kindersieradendoosje met een sticker van de Snorkels erop vond. Hij had het laten liggen. Erin zaten onder andere een zilveren bedelarmbandje dat ik van mijn opa en oma kreeg en een lichtblauw armbandje van de andere opa en oma. Een zilveren eekhoornbroche die onze lieve oude buurvrouw in Oudorp me gaf, ze had hem zelf gedragen als kind. De hele simpele verlovingsringen van mijn ouders, uit hun Uilenstedetijd. Een ringetje met een lieveheersbeestje van mijzelf, de stipjes er afgesleten door het vele dragen.

Terwijl de inbreker mijn mooie gouden sieraden verpatste, gekregen voor eindexamen en afstuderen, was ik heel gelukkig met deze schat.

Dit stukje gaat natuurlijk helemaal niet over Schiermonnikoog, maar dat komt nog wel, ik heb nog meer huisjes getekend.